Heksensoep

Ik wil heel graag nog een levensgrote figuur van stof maken voor mijn solo-expositie in oktober.*  Dat is krap. Voor de vorige figuren heb ik veel meer tijd genomen. Maar ik kan het. Ik heb meer energie dan voorgaande jaren en die ga ik allemaal in deze figuur stoppen. De eerste stap is al gezet. De stof krijgt een mooie warmbruine kleur in een heksensoepje van water, azijn en oud ijzer. Het gaat gelijk al een heel eigen leven leiden.

*Expositie in Galerie Notre Dame des Arts

Nest

Meer dan een jaar heb ik aan Fille en fleur gewerkt. Meteen heeft ze een nieuwe plek gevonden, bij de HAN.* Zodra ze het nest had verlaten, sprongen er nieuwe projecten uit de lades en kasten. Als katten die te lang alleen zijn gelaten sloegen ze hun nagels naar me uit, mauwden ze om het hardst en drukten ze zich tegen me aan. Ik heb ze allemaal tegelijk op schoot genomen en kom handen te kort.

* Fille en fleur is te zien in de Hogeschool Arnhem Nijmegen, Kapittelweg 33, Nijmegen

Kant

Het hoofd van de vrouw begint al aardig overwoekerd te raken met zachte roze bloemen. Dat is mooi. Dat wil zeggen: fijn dat het vordert. En de bloemen zijn ook mooi natuurlijk. Maar of het nou zo prettig is om overwoekerd te raken? Een paar bloemetjes achter een oor staan wel goed, maar ze lijken haar nu te gaan verstikken. Welke kant gaat dit op? Ik laat het in het midden. Ik kies geen kant.

Bloei

Eerst moest het gezicht af, daarna is mijn textiele figuur tot bloei gekomen. Ik wil er meer en meer bloemen aan toevoegen. Dit had ik niet van tevoren bedacht. Ik wist dat ik op deze figuur zou gaan borduren, dat wel. En dat de figuur overwoekerd zou raken. Maar het idee van de driedimensionale bloemen ontvouwde zich pas later. Tijdens het arbeidsintensieve maakproces heeft het de tijd gehad om te ontkiemen, te groeien en tot bloei te komen.

Verder

Soms wil ik verder zijn dan ik ben. Nu had ik het hoofd op het haar na af willen hebben. Dat is dus niet gelukt. Toch laat ik zien waar ik nu ben en hoe ik hier gekomen ben, want het proces is minstens even belangrijk als het eindresultaat. Ik heb na elke stap die ik heb gezet even stil gestaan en het tussenresultaat bewonderd. Het is voor mij ook steeds weer een verrassing hoe het uitpakt. Als het helemaal af is, ben ik die verwondering kwijt.

Nieuwe ogen

Ik ben op zoek naar een gezicht voor de staande vrouwfiguur. Het is het ingewikkeldste onderdeel om te maken, met al die holtes en bollingen. Een gezicht kan ook zo veel uitdrukken. De ogen alleen al. Ik had een mooi paar gemaakt en nu ik er opnieuw naar kijk, zie ik dat ze niet bij deze figuur passen. ‘Mislukt er weleens wat?’ vroeg mijn schoonmoeder me pas. ‘Nee’, was mijn antwoord, ‘ik herstel en verstel net zo lang tot het goed is.’

Stimulans

Ik ben heel productief geweest, getuige onderstaand fotoverslag. Volgende maand doe ik mee aan een groepsexpositie (In Galerie de Nieuwe Gang) en dat geeft een zekere druk, op een positieve manier. Ik kan er bestaand werk exposeren – textiele objecten waar ik gedichten op heb geborduurd -, maar ik wil ook graag iets nieuws laten zien en de oudere werken aanpassen en aanvullen. Het is dus heel stimulerend om een expositie in het vooruitzicht te hebben. Ik moet er werk van gaan maken dat dat vaker gebeurt.

Chaos

Chaos vormt de basis voor creativiteit, hoor ik vaak. Als nog niet alles vastligt in regeltjes en structuren, kan iets nieuws ontstaan. Maar vandaag merk ik dat het averechts werkt: de wanorde – die ik zelf heb laten ontstaan – verhindert mij lekker aan het werk te gaan. Ik verlang ernaar me te kunnen focussen, zonder afleiding. ‘Leegte’ is de oorspronkelijke betekenis van het Griekse woord chaos. Wij hebben daar later een zooitje van gemaakt. Op het moment dat ik dit schrijf, belt er iemand die me een krant wil verkopen. De pakketdienst levert vier zware dozen af voor mijn buurman die niet thuis is. Gauw dit stukje afmaken en naar mijn atelier!

Steunen

  

Afgelopen week heb ik twee standaards gemaakt van betonijzer. Ze gaan fragiele, textiele objecten dragen en vervullen daarmee een onmisbare rol. Zonder steun – letterlijk en figuurlijk – zou mijn werk niet van de grond komen.

Veel ondersteuning heb ik zelf vooral gekregen van mijn vriend Marcel en ook van mijn collega Casper. Die had ik nodig omdat ik anderhalf jaar problemen heb gehad met mijn gezondheid en tegelijkertijd nieuwe wegen ben ingeslagen in mijn werk. Ik voelde me heel kwetsbaar. Soms verloor ik  de moed om verder te gaan, maar hun vertrouwen in mij was sterk als staal. Langzaamaan krijg ik nu meer stevigheid.