Van binnen naar buiten

Geleidelijk komt er meer vlees op de botten van de nieuwe figuur. Van onder naar boven en van binnen naar buiten bouw ik haar op. Eerst bekleed ik het ijzeren geraamte met canvas en kussenvulling. Dit biedt houvast aan de buitenste laag – de ‘huid’ van kaasdoek – die de uiteindelijke vorm bepaalt.

Deze werkwijze is vrij omslachtig. Het zou efficiënter zijn om eerst een lichaamsvorm te maken en deze vervolgens te omspannen met textiel. Maar die stevigheid, die huid die strak rondom solide vormen sluit, die zoek ik niet. Het moet kwetsbaar zijn. De binnenkant zacht, de buitenkant slechts een dunne, doorlatende barrière. Dat komt overeen met mijn beleving van lichaam en huid.

Menselijkheid en imperfectie

Voor de figuur die ik aan het maken ben, gebruik ik geen model. Ik werk op gevoel en kijk zo af en toe naar mijn eigen hand, voet of knie. Wel heb ik de ijzeren staven van het geraamte langs mijn lichaam gehouden om een indicatie te krijgen van de afmetingen. Het wordt daarom geen perfecte anatomische weergave van een lichaam. Toch ziet het er heel menselijk uit. Ik denk dat juist imperfectie zorgt voor een menselijke, kwetsbare uitstraling.

Gaandeweg zie ik onvolmaaktheden ontstaan. Moet ik deze behouden of wegwerken? Zo zijn de voorvoeten nu wat groot in verhouding tot de slanke benen. Voorlopig houd ik het zo. Het stoort me niet. Integendeel, het levert een mooie tegenstelling op: de figuur staat met haar voeten stevig op de grond, terwijl ze er verder zo fragiel uitziet. Pas als de figuur verder voltooid is, weet ik of het klopt.

IJlheid en zwaartekracht

 

IJle, transparante vormen worden het, geïnspireerd op kleine organismen die in het water zweven. Toch zien ze er ook weerbaar uit met stekels en sprieten. De constructie van ijzeren ringen doet denken aan een maliënkolder.

Om het stugge metaal in een bolle vorm te krijgen, maak ik gebruik van de zwaartekracht. Het nieuwe organisme hangt op zijn kop over een bal tot het groot en stevig genoeg is om rechtop te staan. Dan neemt het zelf een vorm aan – nooit blijft het een perfecte bol – en die maak ik verder af. Zo groeit het langzaam uit tot een veelvormige groep.

Eerste stappen

Eigenlijk was ik al maanden geleden met deze figuur begonnen. Twee voeten lagen te wachten op benen en een lijf. Afgelopen week heb ik een ijzeren skelet gelast. Daarmee stond de houding gelijk al vast. En de volgende dag stond de figuur al op twee grote, witte voeten. Komisch zag dat eruit. Even heb ik overwogen het zo te laten, aangemoedigd door Casper en Els, met wie ik het atelier deel. Maar ik ben toch verder gegaan met het bekleden van de botjes, want het idee dat ik heb is te mooi om los te laten. Met elke toevoeging groeit mijn enthousiasme.